18 landen strijden om Europese titel Indoor Ultimate Frisbee: "Fulltime job naast mijn werk"

Een pull, een dump, een huck, callahan, endzone of brick. Zomaar wat termen die horen bij de sport die sinds afgelopen donderdag in de Sporthallen Zuid wordt gespeeld. Achttien landen strijden daar om de Europese titel Indoor Ultimate Frisbee. (Een huck is trouwens een lange worp; de rest mag u zelf opzoeken).  Indoor Ultimate Frisbee wordt gespeeld in teams van vijf en er zijn drie divisies: eentje voor de mannen, een voor de vrouwen en een voor gemengde teams. In totaal strijden er 36 teams in Amsterdam om de Europese titel.  In de verschillende zalen van de Sporthallen Zuid klinken de piepende gympen als het geluid van nagels over het krijtbord. Het is een niet-contactsport, maar dat betekent niet dat de spelers niet fanatiek zijn. Toernooidirecteur Sylvia van Nierop: "Het is een heel snel spel. Zeker indoor is het heel snel. We spelen het ook op zand en op het gras." De spelregels zijn vrij simpel. Tenminste, als je het aan international Finn Liersch vraagt: "Je hebt twee endzones, en je moet de frisbee vangen in de endzone van de ander. En je mag niet lopen met de frisbee, dus je moet overgooien." Liersch speelt sinds 2019 voor Oranje. Op de vraag of frisbeeën een fulltime job is: "Naast mijn werk wel." Geen scheidsrechter Groot verschil met andere sporten is wat ze bij Ultimate Frisbee de 'Spirit of the Game' noemen. De wedstrijden worden gespeeld zonder scheidsrechter en dus moeten de spelers alles zelf onderling oplossen. Er is zelfs wat te winnen voor het sportiefste team: de 'Spirit of the Game' prijs.  De Britse Alice vindt Ultimate Frisbee de beste sport ter wereld en is blij dat het Europees kampioenschap in Amsterdam is, want lekker dichtbij. "Het is een fantastische sport. En heel erg verslavend. Als je het speelt kan je niet meer stoppen. Want hoe de frisbee vliegt is elke keer weer anders. Het is echt heel erg leuk." De Nederlandse mannen zijn een goede middenmotor, op het vorige EK werden ze zesde, maar Liersch, die sinds 2019 bij Oranje speelt, is deze keer vol vertrouwen. "Dit jaar gaan we voor het kampioenschap natuurlijk." Maar het lijkt wishful thinking, want op het moment van schrijven staan Liersch en zijn teamgenoten op de laatste plek in hun poule. De vrouwen doen het een stuk beter: zij zijn bijna zeker van een plek in de kwartfinale. Morgen vanaf 14.15 uur worden de finales gespeeld. Iedereen is welkom om te komen kijken.

Lees verder