Cameratoezicht op meerdere plekken in Amsterdam verlengd, ondanks daling criminaliteit en overlast
Een groot aantal gebieden in de stad staat al een lange tijd onder cameratoezicht, met de bedoeling om criminaliteit en overlast aan te pakken. Onderzoek en Statistiek (O&S) heeft in opdracht van de gemeente een analyse gemaakt of het cameratoezicht nog wel nodig is voor de gebieden en daaruit blijkt dat voor tien van de 34 gebieden de vraag is of dat nog wel zo is. Hoewel er in die gebieden sprake is van een daling van overlast en criminaliteit, wordt het cameratoezicht in vijf gevallen toch voortgezet. De (loco)burgemeester kan na incidenten - zoals explosies of beschietingen - besluiten om een tijd cameratoezicht in te zetten in de buurt. Dit om herhaling te voorkomen en het veiligheidsgevoel in de buurt weer te herstellen. Meestal is dit voor maximaal drie maanden. In gebieden waar vaker overlast of criminaliteit voorkomt, kan er ook worden besloten om langdurig cameratoezicht in te stellen. Dat gaat dan bijvoorbeeld om de uitgaanspleinen en winkelstraten, maar ook specifiekere buurten zoals de Indische Buurt of de Wildemanbuurt. Het langdurige cameratoezicht wordt toegewezen voor één of twee jaar. Aan het einde van het toezicht bekijkt de burgemeester, op advies van de afdeling 'openbare orde en veiligheid' en de politie, of het toezicht moet worden verlengd. Dat wordt onder andere gedaan door te kijken naar het aantal incidenten en of dat toe- of afgenomen is in de tijd van het toezicht, het aantal incidenten dat de camera's vastleggen, hoe het veiligheidsgevoel is voor de buurt en hoe de buurt op het toezicht reageert. Cameratoezicht is namelijk een ingrijpende maatregel op bijvoorbeeld de privacy van omwonenden. 34 gebieden onder de loep De onderzoekers van O&S hebben met dezelfde afwegingen gekeken naar de 34 cameragebieden die in de stad aanwezig zijn. Met bovenstaande afwegingen wordt er gekeken of de gebieden zich positiever of negatiever hebben ontwikkeld dan het gemiddelde. Dat gemiddelde is een vergelijking met andere cameragebieden of in vergelijking met het stadsdeel. In gebieden die negatief uitvallen, is het cameratoezicht nog echt nodig. Bij gebieden met een positievere score is het de vraag of het nog wel proportioneel is om het toezicht te houden. Van de 34 onderzochte gebieden komt bij ruim twee derde van de gebieden naar voren dat het cameratoezicht nog proportioneel is. Dat komt dan doordat bijvoorbeeld het aantal incidenten niet is gedaald, het onveiligheidsgevoel niet is verbeterd of dat de overlast juist is toegenomen. Tien niet proportioneel meer Bij tien van de gebieden komt volgens O&S naar voren dat het toezicht positiever scoort dan gemiddeld en dat er vraagtekens kunnen worden gezet bij de vraag of het cameratoezicht nog proportioneel is. Het gaat om de omgeving rond het Spui, de Oostelijke Eilanden, het Piet Mondriaanplein, Holendrecht, Venserpolder, Mastbos, de Indische Buurt, de Diamandbuurt, het Hoofddorpplein en de omgeving van het Mercatorplein. Bij de meeste gebieden is het aantal incidenten gedaald. Bij sommige gebieden zelfs met dalingen van rond de 40 procent: het Spui, Mastbos en het Piet Mondriaanplein. Ook werd het veiligheidsgevoel van omwonenden en ondernemers bij veel gebieden beter, daalde het percentage mensen dat voorstander was van het toezicht en daalde in sommige gebieden ook de overlast. Van de tien gebieden waarbij de vraag is of het toezicht nog proportioneel is, zijn er vier verdwenen. Het toezicht in Venserpolder loopt eind deze maand af. Opvallend is wel dat ondanks de uitkomsten van O&S vijf van de positieve gebieden wel zijn verlengd. Verlenging van toezicht Burgemeester Halsema heeft rond het Spui, de Indische Buurt, het Mercatorplein en Holendrecht het toezicht verlengd voor een jaar. Ook het toezicht bij het Hoofddorplein is verlengd, zelfs tot 2028. Volgens O&S zijn de uitkomsten van de evaluatie dan ook geen advies aan de burgemeester, maar kan ze het meenemen. "Het kan altijd worden aangevuld met andere inzichten of factoren die invloed hebben op de keuze om cameratoezicht te continueren of af te bouwen." Om het cameratoezicht te verlengen bij het Spui geeft de burgemeester de reden dat ondanks de daling van incidenten (38 procent) en een positieve verbetering, er nog altijd sprake is van een 'verstoring van de openbare orde'. Zo lag er deze week nog een verdacht pakketje voor de deur van een Italiaans restaurant in de Spuistraat. Eenzelfde redenering geeft de burgemeester voor het toezicht rond het Mercatorplein. Het aantal incidenten nam daar met 10 procent af en ook het veiligheidsgevoel werd beter voor buurtbewoners. Halsema noemt die ontwikkeling positief. Toch zijn er 'nog altijd' verstoringen en is het toezicht nog in ieder geval een jaar aanwezig, wel in een afgeschaalde vorm. Ook het cameratoezicht in Holendrecht krijgt zo'n afgezwakte vorm, ondanks dat uit deze analyse en die uit 2023 een positieve score kwam. Het aantal incidenten daalde met 19 procent. Halsema benadrukt dat er ondanks de positieve analyse nog altijd sprake is van overlast en geweldsincidenten en dat het toezicht daarom nog wel echt nodig is. Positief, maar nog niet op orde Over de Indische Buurt en het Hoofddorpplein is de burgemeester iets minder positief. Beide kregen uit de analyse wel een positievere beoordeling, maar daar is Halsema niet erg onder de indruk van. Zo nam het aantal incidenten in de Indische Buurt juist iets meer toe, maar is de buurt wel positiever. Halsema vindt de ontwikkeling te minimaal om het toezicht op te heffen: "Zeker ten opzichte van andere gebieden." Voor het Hoofddorpplein, waar cameratoezicht is ingesteld na onder andere een dodelijke steekpartij in 2024, nam het aantal incidenten af met zo'n 8 procent en voelen minder mensen zich onveilig dan toen de incidenten zich net hadden afgespeeld. Volgens Halsema geeft dat alleen nog geen realistisch beeld, omdat het toezicht nog maar kort bestaat. "Er bestaat vrees voor verdere verstoringen van de openbare orde in dit gebied." Daarom wordt het toezicht met twee jaar verlengd. Aan het einde van dit jaar kijkt de burgemeester weer naar de langdurige cameragebieden en bepaalt dan of de gebieden kunnen worden opgeheven, of dat toezicht nog langer nodig is.
Lees verder