Families doodgeschoten Syrische jongens hoorden pas dagen later over hun dood: "Zijn glimlach mis ik het meest"

De dood van de Syrische vluchteling Mohammad (16) en Mohammed (18), die op Nieuwjaarsdag werden doodgeschoten in een park in Slotervaart, hebben bij hun families in Syrië diepe littekens achtergelaten. Dat vertellen ze in gesprek met Nieuwsuur. "Het leek wel of mijn leven tot een einde kwam", zegt de vader van Mohammad over het moment dat hij erachter kwam dat zijn zoon om het leven was gekomen. De families hoorden pas dagen later van hun dood. Mohammed en Mohammad, die allebei gevlucht waren uit Syrië en in een opvang aan de Sloterweg verbleven, stonden op 1 januari, vlak voor middernacht op een brug in het Piet Wiedijkpark in Nieuw-West toen ze dodelijk geraakt werden door kogelschoten. Een derde jongen die bij hen stond, wist aan de schoten te ontkomen.  De politie hield een aantal weken later verdachte Efe Y. aan. Volgens justitie schoot hij de jongens neer na een uit de hand gelopen prankcall op YouTube. Y. zou in een livestream zijn opgehitst met een gangsterverhaal waarbij hem werd verteld dat hij mensen geld verschuldigd was. Y. reageerde daarop fel: "Kom naar die brug, hoerenkind." De slachtoffers die op het moment van de schietpartij toevallig bij een brug stonden, hadden volgens het OM niets met die prankcall te maken. Families in Syrië Mohammed en Mohammad waren afzonderlijk van elkaar zonder hun ouders naar Nederland gevlucht. De gezinnen waar de jongens uit kwamen, wonen nog altijd in Syrië.  "Hij werd hier geboren in een wit laken en kwam terug in een witte doodskist", zeggen de ouders van Mohammad (16), die hadden gehoopt dat hun zoon hier zou kunnen studeren, hoewel het zijn droom zou zijn geweest om voor Ajax te voetballen. Om het lichaam terug naar Syrië te halen en hem daar te begraven, moest de familie zo'n tienduizend euro inzamelen. "Nog steeds heb ik het gevoel dat hij hier zomaar naar binnen loopt", zegt de moeder van Mohammed. Ook zijn vader kan de dood van zijn zoon nog niet beseffen. Hij kwam er via kennissen en op Facebook achter dat Mohammad niet meer leefde. "Het was een moeilijke dag. Het leek wel of mijn leven tot een einde kwam." Ook bij de familie van de twee jaar oudere Mohammed zit de pijn diep. "Mijn zoon was een actieve energieke jongen. Hij hield van het leven." Boos op voogd "Zijn glimlach mis ik het meest aan hem", zegt de broer van Mohammed. "Zijn glimlach was onbeschrijfelijk." Eens in de zeven tot tien dagen gaat hij naar het graf van zijn broer. "Dan krijg ik de drang om naar hem toe te gaan. Als ik dat voel, dan moet ik naar hem toe. Ik zal mijn broer niet vergeten." De families van de jongens vinden het moeilijk te geloven dat hun zoons willekeurig om het leven zijn gekomen en vragen zich af waarom ze tot zo laat op de avond buiten mochten blijven.  Ook zeggen ze dat ze pas laat te horen kregen dat hun zoons om het leven waren gekomen. Het gezin van Mohammad zegt dat het zo'n tien dagen duurde. Ze nemen dat vooral het Nidos kwalijk. Dat is een organisatie die de voogdij van jonge vluchtelingen verzorgt. Het Nidos zegt in een reactie bij Nieuwsuur dat ze zich niet herkennen in de kritiek en dat en dat er 'binnen enkele dagen' contact is geweest met de families. Ondertussen wachten de families op een uitspraak in de zaak. "Rechtvaardigheid brengt de doden niet tot leven, maar geeft de familie het gevoel dat het leven van hun kinderen niet verwaarloosd wordt en dat hun waardigheid wordt behouden."

Lees verder