Hoe beschermen we 24/7 de Noordzee? Defensie wil antwoorden zoeken vanaf het Marineterrein
Het ministerie van Defensie komt met een nieuw instituut om de innovatiesnelheid en de productiecapaciteit te verhogen. Dat is volgens het ministerie nodig vanwege "de verschuivende machtsverhoudingen en onvoorspelbaardere dreigingen" in de wereld. Het zogenoemde Nationaal Instituut voor Defensie Technologie (NIDT) werd vandaag door staatssecretaris Boswijk gepresenteerd, en moet zich - als het aan het ministerie ligt - gaan huisvesten op het Marineterrein. Staatssecretaris Derk Boswijk van Defensie presenteerde de plannen vandaag vanaf de defensiekazerne in Stroe. Het instituut zal niet zelf vanaf het Marineterrein met innovaties of producten komen, maar geld investeren in bedrijven die nieuwe ideeën of technologieën bedenken en uitvoeren. Per jaar zal er 350 miljoen euro in het instituut geïnvesteerd worden. Volgens Boswijk moet het een brug worden "tussen defensie en de markt", waardoor er meer initiatieven uit eigen land geproduceerd kunnen worden en er ook sneller opgeschaald kan worden wanneer dat nodig is. Bescherming Noordzee De eerste opdracht voor potentiële partners is al duidelijk, defensie wil namelijk een manier vinden om de Noordzee 24/7 te kunnen beschermen. Volgens defensie vormen de Russen op de Noordzee een dreiging voor onderzeese kabels en leidingen. Het bedrijf dat met het beste idee komt, kan geld krijgen van het ministerie voor de uitvoering. Als daar een goed product uitkomt, kan defensie het gaan kopen en testen tijdens militaire oefeningen. Honderd procent zeker dat het instituut in Amsterdam komt, is het alleen nog niet. Volgens een woordvoerder van het ministerie van defensie zouden ze de instelling het liefst op het Marineterrein in het centrum zien, omdat het een interessante plek is voor start-ups en een plek waar veel organisaties van defensie samenkomen. Uiteindelijk is het echter aan het Rijksvastgoedbedrijf om te bepalen of het instituut inderdaad daar een plekje krijgt.
Lees verder