Rechter: Amsterdamse corporatie moet bewoonster nieuwe woning bieden na explosie
Woningcorporatie Eigen Haard moet binnen vier weken een vervangende woonruimte regelen voor de bewoonster van een pand aan de Herculesstraat in Amsterdam-Zuid. Dat heeft de rechter vandaag geoordeeld nadat de bewoonster een kort geding had aangespannen. Volgens de rechtbank kan Eigen Haard niet voldoende aantonen dat het huurcontract rechtmatig ontbonden kan worden. Daarom heeft de vrouw, net als andere bewoners die voorlopig niet terug kunnen keren naar hun woning in de Herculesstraat, recht op een andere woning. Zware explosie Het explosief ging in de vroege ochtend van 6 maart af bij een portiekdeur in de straat. Door de enorme knal stortte de portiek in en brak er bij zes panden brand uit. Die woningen zijn voorlopig onbewoonbaar. Voor bijna alle bewoners van die woningen werd een vervangende woonruimte geregeld, maar voor de vrouw die deze zaak aanspande niet. Dat komt doordat de vrouw volgens Eigen Haard het doelwit was van de explosie, die het gevolg zou zijn geweest van drugshandel die zich in de woning zou hebben afgespeeld. Vorig jaar september werd er - naast 7.000 euro aan contant geld - een handelshoeveelheid drugs in de woning gevonden. De oudste zoon van de huurster werd daarbij aangehouden. De vrouw was toen zelf met haar andere zoon in Marokko. Buurtbewoners zeiden eerder al tegen AT5 dat ze hopen dat de vrouw niet terugkeert en ook Eigen Haard was dat niet van plan. Omdat er ook geen vervangende woonruimte aangeboden werd, verbleef de vrouw bij bekenden of op straat. Volgens de rechter heeft ze voldoende aannemelijk gemaakt dat ze nu nergens meer terechtkan. Op straat Dat de vrouw en haar jongste zoon daardoor geen vervangende woonruimte krijgen, is volgens de advocaat van de bewoonster oneerlijk. "Mevrouw en haar jongste zoon zijn net zo goed slachtoffer", aldus de advocaat tijdens een eerdere zitting. "Ze wordt gestraft voor iets wat ze niet gedaan heeft." Ook de rechter oordeelt nu dat de vrouw onredelijk hard gestraft wordt. "Vervangende woonruimte heeft zij niet en ook haar jongste zoon - die op de dag van dit vonnis 18 jaar wordt en nog naar school gaat - is voor onderdak afhankelijk van de woning." Volgens de rechter kan de jongen niet bij zijn vader terecht, omdat de broer die eerder werd aangehouden daar verblijft. Dat was een van de voorwaarden voor zijn voorlopige vrijlating. Eigen Haard zei tijdens de eerdere zitting een zero-tolerancebeleid te willen voeren, om de veiligheid van andere bewoners te kunnen waarborgen. Maar dat leidt dus niet tot een ander oordeel van de rechter. Onder meer omdat de zoon die is aangehouden nu niet meer bij zijn moeder, maar bij zijn vader verblijft. En ook vindt de rechter dus dat nog niet voldoende aannemelijk is dat de woning van de vrouw het daadwerkelijke doelwit was. "In de bestuurlijke rapportage staat dat dit het meest aannemelijke scenario is, maar waarom dit zo is, wordt niet toegelicht. Eigen Haard heeft daarmee onvoldoende onderbouwd dat er gevaar voor soortgelijke incidenten bestaat als de huurder terugkeert naar de woning."
Lees verder