Schuld van Amsterdam stijgt komende jaren mogelijk boven de tien miljard, hoe erg is dat?
De schuld van de gemeente Amsterdam dreigt de komende jaren op te lopen tot boven de tien miljard. In de begroting die vorige maand gepresenteerd werd, waarin de financiële plannen van de coalitie staan, zijn ook bezuinigingen aangekondigd om die schuld niet te ver te laten oplopen. Is dat genoeg? Hoe zorgwekkend is die hoge schuld, en wat krijgt Amsterdam ervoor terug? Wij vroegen het aan twee deskundigen. Tom Overmans, universitair hoofddocent bestuurskunde, is gespecialiseerd in gemeentelijke financiën. Volgens hem kan er op verschillende manieren gekeken worden naar de uitgaven van de gemeente: de tien miljard is een schuld, maar tegelijkertijd ook een investering. “Het is nooit eerlijk om alleen naar schulden te kijken. Je moet altijd schulden afzetten tegen de bezittingen.” Een stad kan bijvoorbeeld schulden aangaan om investeringen te doen in het 'beter en mooier maken van de stad', aldus Overmans. Kritiek Waar deze investeringen naartoe gaan en hoe hoog de kosten daarvan mogen zijn, daar is politiek veel discussie over. VVD-fractievoorzitter Daan Wijnants liet in een uitzending van AT5's Park Politiek al weten dat hij zich zorgen maakt over de oplopende schuld: "Als je straks op tien miljard zit, dan zegt de Bank Nederlandse Gemeenten, die het grootste deel van de Amsterdamse schuld financiert, 'dit kunnen we niet meer dragen'." Volgens Overmans zullen coalitiepartijen juist benadrukken dat de schuld hoog is, maar dat daar ook veel voor Amsterdam tegenover staat. Wat krijgt de stad ervoor terug? Stadseconoom Najah Aouaki houdt zich bezig met de maatschappelijke waarde die economische keuzes met zich meebrengen in de stad. We spreken haar in de Wijk Transitie Hub in de K-buurt in Zuidoost: een plek waar buurtbewoners samenkomen en hun mening geven over de ontwikkelingen in de wijk. De hub was er niet gekomen zonder investeringen van onder andere de gemeente Amsterdam. Aouaki: "Met zo'n investering investeer je ook in de lokale infrastructuur, zodat bewoners en organisaties een actieve rol kunnen oppakken." Volgens Aouaki krijgt een stad ook wat terug bij het aangaan van een schuld. Sterker nog, volgens haar zijn investeringen juist nodig om belangrijke kosten niet vooruit te schuiven en grote maatschappelijke vraagstukken aan te pakken. "Wat je eigenlijk wil is dat de gemeente haar rol pakt als maatschappelijk investeerder." Grootste risico's Toch kan de gemeente niet oneindig geld blijven lenen. Het risico zit met name in rentelasten. Bij het aangaan van een lening moet de gemeente, net als bij een normale lening, rente betalen. De afgelopen jaren zijn deze lasten echter gestegen. Waar dit vroeger bijvoorbeeld 1% van de begroting in beslag nam, kan dit komende jaren oplopen tot ruim 3,5%. "Dat geld kan je niet uitgeven aan andere onderdelen die politiek wenselijk zijn, die belangrijk zijn voor de stad of nodig zijn voor de stad", legt Overmans uit. Afspraken met bank Bovendien is er een afspraak gemaakt met de bank: de schuld van de gemeente mag niet hoger oplopen dan tien miljard, omdat er dan een zogeheten concentratierisico ontstaat, waarbij er te veel geld wordt geplaatst in één organisatie. Over de eventuele gevolgen wanneer de grens van tien miljard bereikt wordt, is geen duidelijke afspraak gemaakt. In het ergste geval kan een gemeente onder toezicht komen te staan van de provincie. Het overschrijden van de grens van tien miljard is hoe dan ook onwenselijk. Het college neemt dan ook maatregelen om de schuld niet te ver op te laten lopen, zoals de bezuinigingen op het eigen personeel. Maar of die reorganisatie goed gaat verlopen en of de bezuinigingen genoeg zijn, moet de komende jaren blijken. Begin november gaat de raad opnieuw in debat over de financiële plannen voor de stad.
Lees verder