Studenten uit Iran in limbo door oorlog Midden-Oosten: 'Misschien asiel aanvragen'
Internationale studenten uit Iran die in Nederland studeren zitten klem. De groep is grotendeels afhankelijk van geldstromen uit het land van herkomst en dat is sinds de oorlog in het Midden-Oosten behoorlijk onstabiel. Tegelijkertijd mogen de Iraanse jongeren maximaal 16 uur per week werken. "Ik kreeg last van paniekaanvallen." Een van de Iraanse studenten vertelt aan NH dat hij sinds de oorlog volledig klem zit. De 32-jarige Iraniër woont sinds februari 2024 met zijn vrouw in Nederland en volgt een opleiding aan de particuliere Hogeschool Wittenborg in Amsterdam-Zuidoost. De student kwam in de problemen toen het internet in het land van herkomst vrijwel volledig werd afgesloten. "Ik heb spaargeld, had een werkproject lopen in Iran en werd financieel ondersteund door familie, maar dat is volledig weggevallen." Daar komt bij dat studenten uit Iran niet zomaar aan het werk kunnen. Werkgevers moeten een tewerkstellingsvergunning aanvragen voor werknemers buiten de Europese Unie en Zwitserland. Als dat er is, mogen ze maximaal 16 uur per week werken; te weinig om de huur en boodschappen van te betalen. Mentale last Los van de financiële problemen, dragen de studenten ook een mentale last die de oorlog met zich meebrengt. Een 27-jarige student, die ook niet met haar naam op de site wil, volgt net als haar 32-jarige studiegenoot een opleiding aan Wittenborg, Leren voor tentamens lukte haar niet meer. "Toen de oorlog uitbrak en het internet wegviel, kreeg ik last van paniekaanvallen", vertelt ze. "Er vielen bommen op de stad waar ik vandaan kom en wist niet hoe het met mijn vrienden en familie ging. Ik was niet in staat om naar school te gaan, laat staan studeren." Samen met haar studentengenoten vroeg de 27-jarige Iraanse of tentamens verplaatst konden worden. De student miste bij het verzoek steun vanuit de hogeschool. "Er wordt wel gezegd dat ze de situatie begrijpen, maar heel veel ondersteuning kwam er niet", vertelt ze. "De meeste Iraanse studenten hebben hun tentamens ook niet gehaald." Noodfonds Armin Taherioun (26) volgt een opleiding aan Hogeschool Inholland in Amsterdam-Oost. Hoewel hij tegen dezelfde problemen aanloopt als de andere Iraniërs die NH spreekt, ervaart hij wel veel steun vanuit de hogeschool. "Er worden bijeenkomsten georganiseerd waarbij we elkaar een hart onder de riem kunnen steken", vertelt hij. Een andere praktische manier waarbij studenten worden ondersteund is de hulp een zogeheten noodfonds. Studenten van Inholland kunnen een aanvraag doen voor een renteloze lening. "Alle Iraanse studenten die ik ken hebben dat inmiddels gedaan." Het gaat om een lening van 300 euro per maand, die loopt tot en met augustus van dit jaar. "Het is lang niet genoeg als aanvulling op mijn bijbaan, maar het is wel een aanvulling op de inkomsten die ik heb", vertelt Armin. Hoe het na de zomer verder moet, weet hij niet. "Ik vond het moeilijk om te vragen, maar ik moest uiteindelijk geld lenen van vrienden uit Canada en familie in Nederland. Zij helpen mij als het nodig is." Petitie De 26-jarige student startte in maart een petitie om aandacht te vragen voor de situatie. Hiermee hoopt hij dat de regels voor werkende studenten uit Iran worden versoepeld. Daarnaast roept hij de regering op om voor alle Iraniërs een studentenlening mogelijk te maken bij DUO, iets waar de groep nu geen recht op heeft. Vluchtelingenstatus? Als de oorlog in het Midden-Oosten langer duurt, zullen de studenten zich aanmelden als vluchtelingen, verwacht Armin. "Het is niet wat we willen, maar er is dan geen andere optie dan asiel aanvragen." De 32-jarige student van Hogeschool Wittenborg vult aan: "Weet je wat bizar is? Ik heb vlak voordat ik naar Nederland kwam heel veel documenten moeten overhandigen om te bewijzen dat mijn vrouw en ik zelfredzaam zijn", vertelt hij. "Maar nu wordt ons aangeraden om asiel aan te vragen, omdat we dan meer rechten hebben." Een terugkeer naar Iran zit er na een vluchtelingenstatus niet meer in, verwachten de drie studenten. "Dat is niet waar we voor naar Europa zijn gekomen. We zijn hier tijdelijk om nieuwe kennis te doen." Even is hij stil. "Publiceer toch maar niet mijn naam. Ik ben bang voor mijn toekomst in Nederland als ik me zo uitspreek."
Lees verder