Zo begon het De La Mar in het centrum van de hoofdstad: "Eigenlijk is alles veranderd"

In De Verdwenen Stad Amsterdam gaan we iedere keer naar een andere plek in de stad om te kijken hoe die is veranderd in de loop der tijd. Deze keer zijn we bij het De La Mar Theater, dat tegenwoordig anders en groter is dan het theater dat ooit is vernoemd naar een van onze grote acteurs, Nap de la Mar.   Op de plek waar tot na de oorlog de Spieghelschool aan de Marnixstraat stond, liet architect Piet Grossouw een theater bouwen voor zijn geliefde Fien de la Mar. Hoewel veel mensen dat denken, is het theater niet naar Fien vernoemd, maar na haar eveneens legendarische vader Nap de la Mar. Fien de la Mar Fien werd na de opening artistiek leider en gaf zichzelf iedere keer weer de hoofdrol. Maar haar vooroorlogse status, ze stond toen op ongekende hoogte, was ze verloren. Het publiek bleef weg. Fien werd nukkig, ruziede met haar tegenspelers en dronk meer dan goed voor haar was. Twee jaar na de opening was het theater al failliet. Tekst gaat verder onder de foto. Wim Sonneveld Na enige tijd gesloten te zijn geweest, besloten twee theaterproducenten, met cabaretier Wim Sonneveld, een nieuwe poging te wagen in een verbouwd theater met meer zitplaatsen. Sonneveld werd erbij gehaald omdat hij razendpopulair was en de zaal met gemak vol kreeg. Dit trouwens tot grote ergernis van Fien, die nooit meer een voet in het theater zou zetten.  Wrang was het, dat toen ze, naar haar zelfgekozen dood in 1965, in het Nieuwe De La Mar lag opgebaard, er honderden mensen kwamen opdagen om afscheid van haar te nemen. Tekst gaat verder onder de foto. Het Nieuwe De La Mar was lange tijd succesvol, maar in de loop der jaren kwam toch de klad erin. Er was veel achterstallig onderhoud en het gebouw voldeed niet meer aan de wettelijke arbeidsvoorschriften. Zo moesten de decorstukken nog met de hand van straat naar de eerste etage worden getakeld.  Levensgevaarlijke situatie Toen tijdens een voorstelling in 1999 het publiek na afloop opstond, boog beneden het plafond door. De boel moest in allerijl worden gestut met ijzeren palen om een levensgevaarlijke situatie te voorkomen. De gemeente had het geld niet voor zo'n ingrijpende verbouwing en wendde zich tot producent Joop van den Ende. Die pakte de zaak groots op.  Lees verder onder de foto. Gestript en gesloopt "Er is veel veranderd", zegt Ronald Ockhuysen. Hij schreef een boek over de geschiedenis van het theater. "Eigenlijk is alles veranderd, want het gebouw is vijftien jaar geleden volledig gestript en gesloopt. Alleen de klassieke oude gevel is blijven staan, want het oude gevoel van de stad moest blijven."  Het theateroppervlak werd ook uitgebreid, want de naastgelegen Calypso-bioscoop en enkele woonhuizen werden er bijgetrokken. Het Nieuwe De La Mar, dat weer De La Mar ging heten, beschikt nu over twee theaterzalen. Lees verder onder de foto. Alles aan het De La Mar is nieuw, maar volgens Ockhuysen moet het theater nog wel de sfeer van vroeger uitademen. Het theaterrood is daarom alom aanwezig. Een klassiek avondje uit in een spiksplinternieuw theater. Ook is er plaats ingeruimd voor de theaterhelden van toen en nu, met zalen vernoemd naar Mary Dresselhuys en Wim Sonneld. "In tegenstelling tot bijvoorbeeld in Frankrijk of Duitsland hebben we in Nederland weinig geheugen, zegt Ronald Ockhuysen. "Onze grote toneelsterren zijn we allemaal vergeten." Maar in het De La Mar krijgen de sterren dus nog ere wie ere toekomt.  Kijk hier voor meer afleveringen van De Verdwenen Stad Amsterdam Voor De Verdwenen Stad Haarlem kijk je hier

Lees verder