Lalla Weiss spreekt 4 mei op de Dam: "Sinti en Roma hebben nog steeds geen gelijke kansen"

Lalla Weiss, activiste en woordvoerder van de Sinti- en Roma gemeenschap in Nederland, spreekt op 4 mei na de twee minuten stilte op de Dam. Weiss vocht al op jonge leeftijd voor erkenning van de 220 tot 245 Nederlandse Sinti en Roma die tijdens de Tweede Wereldoorlog werden vermoord door de nazi's. Op 4 mei worden inmiddels al jaren ook oorlogsslachtoffers onder de Sinti en Roma officieel herdacht. Maar zegt Weiss: "We hebben nog steeds geen gelijke kansen." "Mijn vader zei dat we nooit bevrijd zijn, want toen onze mensen terugkwamen uit de concentratiekampen, moesten ze alles zelf runnen. De Joden klaagden over de kille ontvangst, maar voor onze mensen was er helemaal niets." Ook in haar eigen familie werden veel mensen het slachtoffer van de Nazi's. In Auschwitz werden 22 familieleden van haar vader vermoord, van haar moeders kant 24. Afkomst verzwijgen In haar speech op 4 mei vertelt Weiss hoe lang het heeft geduurd voordat er ook ruimte kwam om de oorlogsslachtoffers onder de Sinti en Roma te herdenken. Pas in 1994 legde ze samen met haar vader voor het eerst een krans en pas vanaf 2004 maken de Sinti en Roma officieel onderdeel uit van de Dodenherdenking op de Dam. Weiss: "Dat het zo lang geduurd heeft, komt omdat wij onze afkomst altijd hebben verzwegen uit angst om opnieuw opgepakt te worden. Mijn oma zei altijd: zeg maar dat je uit Suriname komt, daar kun je wel voor doorgaan."  "Ik was een meisje van 8 of 9 jaar toen ik mijn vader beloofde: als ik groot ben, ga ik het oorlogsverhaal vertellen van onze mensen. Dat is mijn missie geworden." De weg naar erkenning was een lange. De officiële erkenning van premier Kok leidde in 2000 tot een financiële schadevergoeding van 30 miljoen. Auschwitz Van de op 19 mei 1944 uit Westerbork weggevoerde Sinti en Roma overleefden slechts 31 de oorlog. Toch werden pas in 2001 Sinti en Roma slachtoffers herdacht bij de jaarlijkse Auschwitzherdenking in het Wertheimpark in Amsterdam. "De toenmalige voorzitter van het Nederland Auschwitz Comité Jacques Grishaver heeft ons erbij gehaald en daar ben ik hem nog steeds dankbaar voor." In haar tienertijd besloot Lalla voor haar afkomst uit te komen. "Ik leefde in twee werelden. Mijn Nederlandse naam is Klaziena Silva, en ik besloot toen niet meer mijn naam Silva te gebruiken maar mijn Sinti-naam: Lalla." Discriminatie Hoewel de erkenning voor de oorlogsslachtoffers er is, moet ze voor acceptatie van haar gemeenschap nog steeds vechten. "Op het gebied van arbeidskansen zijn onze kansen niet gelijk en ook kinderen krijgen nog vaak een te laag schooladvies als ze naar het middelbaar onderwijs gaan. En als ik boodschappen ga doen, word ik regelmatig gevolgd door winkelpersoneel of ik niet iets steel. Het is belachelijk. We worden nog steeds niet als volwaardig burger beschouwd." Bewustwording "Daarom moet ons verhaal verteld blijven worden", vindt Weiss. "Scholing draagt daar aan bij. Door open te staan voor elkaar kun je je tussen de oren verrijken. Mijn boodschap op 4 mei is dat ik het oorlogsleed van mijn ouders nog steeds met me meedraag. Daar moeten mensen zich bewust van worden."

Lees verder